Véronique van den Engh

Véronique van den Engh werd in 's-Hertogenbosch gebo¬ren. Ze kreeg, na een aantal jaren pianoles, op 14-jarige leeftijd haar eerste orgellessen van haar oom Aat Broersen in Haarlem. Na haar Gymnasium B opleiding ging ze studeren aan het Bra¬bants Conservatorium in Tilburg. Ze behaalde daar als leerling van Maurice Pirenne het diploma Docerend Musicus in juni 1989 en een jaar later het diploma Uitvoerend Musicus voor orgel. Bij Cees Rotteveel studeerde zij koordirectie, waar¬voor ze in juni 1988 afstudeerde. Sinds augustus 1989 is zij als docent verbonden aan de Schola Cantorum van de Sint-Janskathedraal te ’s-Hertogenbosch. Bij de Schola Cantorum was zij tevens meer dan twintig jaar assistent-dirigent. Gedurende vijfentwintig jaar was zij in de Sint-Jan assistent-organist. Op 1 februari 2008 volgde zij Maurice Pirenne op als organist van de Kathedrale Basiliek van Sint-Jan te ‘s-Hertogenbosch. In oktober 2009 speelde zij in samenwerking met de Schola Cantorum in de vier patriarchale basilieken in Rome. Zij is bestuurslid bij de Stichting Orgelkring “Hendrik Niehoff” en bij de Stichting Maurice Pirenne. In juni 2014 verscheen haar eerste cd ‘Imposant’, in juli 2015 haar tweede cd ‘Allure’. Op beide cd’s staan diverse orgelwerken, gespeeld op het monumentale groot orgel van de Sint-Janskathedraal. De cd’s zijn te bestellen via haar website.

Voor meer informatie zie: www.veroniquevandenengh.nl



CD 'Allure'

Deze cd kwam uit in 2015 en is uitgebracht door JQZ Muziekproducties.
Opname door Tuliprecords.



Het groot orgel van de Kathedrale Basiliek van Sint-Jan bespeeld door Véronique van den Engh.

Orgelwerken:
Allegro, Charles Marie Widor (1844-1937)
Symphonie nr. 6 en g-mineur, opus 42/2, 1e deel   
Ballo del Granduca,  Jan Pieterszoon Sweelinck (1562-1621)
Fantasia in c-moll, BWV 562,  Johann Sebastian Bach (1685-1750)
Toccata con corale e fuga,  Jos van Amelsvoort (1910-2003)
Suite du deuxième ton , Louis-Nicolas Clérambault (1676-1749)
- Plein Jeu
- Duo
- Trio
- Basse de Cromorne
- Flûtes
- Récit de Nazard
- Caprice sur les grands jeux
Koraal-Toccata, Floris van der Putt (1915-1990)
Sortie en F-majeur, César Franck (1822-1890)
Praeludium over Veni Sancte Spiritus, Maurice Pirenne (1928-2008)
Praeludium in e-moll,  Nicolaus Bruhns (1665-1697)
Meditation, Mons Leidvin Takle (Geb. 1942)
Toccata on Veni Emmanuel,  Andrew Carter (Geb. 1939)

Allure
Kathedrale Basiliek van Sint-Jan ’s-Hertogenbosch. Na cd ‘Imposant’ is ook de titel van deze cd met reden gekozen: het groot orgel van de Sint-Janskathedraal is een instrument met grote allure, een dame ván allure. In klank, in voorkomen en in schoonheid met haar vele prachtige beeldsnijwerk. Majesteitelijk van klank in de grote werken, toont het ook haar elegantie in de lichtere werken en kan het zelfs uitnodigen tot meditatie. 
Het groot orgel laat haar veelzijdige klankschoonheid horen in de gekozen composities van allure, waardoor eenieder geraakt kan worden.
Een bijzonder en fraai instrument.

Opname:  tuliprecords
Opnamedata:  19 en 20 april 2015
Release: 12 juli 2015
De cd kost € 15,00 excl verzendkosten en is te bestellen via:
www.veroniquevandenengh.nl/cd-allure-orgel-sint-janskathedraal



CD ‘Allure’ van Véronique van den Engh op het orgel van de kathedrale basiliek van Sint Jan in ’s-Hertogenbosch.
Na haar eerste CD imposant bracht de organist van de kathedraal, mevrouw Véronique van den Engh, een 2e CD uit met werken gespeeld op het majestueuze grote orgel van de kathedraal. En dat is een heel geslaagde CD geworden. Duitse, Nederlandse en Franse werken, in de tijd geplaatst van de Barok tot nu en waarbij de talloze registratiemogelijkheden van dit fantastische orgel uitstekend werden benut. Daardoor is er een kleurrijk geheel ontstaan, waarin haar genuanceerde speelstijl een groot luisterplezier opleveren. Een aanrader dus.
Waar de bespeling van het orgel in de kathedraal zelf imponeren kan door gebruik te maken van de nagalm, waarin registers als prestanten, fluiten en tongwerken hun eigen dynamiek hebben, vraagt een opname op CD om extra waakzaamheid om het klankbeeld overtuigend te houden. Je kan ook zeggen dat het vooral (ook) de ‘kunst van het weglaten’  het toonbeeld bepaalt en daarmee een overweldigend effect kan worden voorkomen. Dat is ook op deze CD behoorlijk  gelukt.
Er is weliswaar enige dominantie van de tongwerken, maar dat blijft wel binnen de bedoeling die de organist moet hebben gehad om haar uitdrukkingskracht te bereiken. Want dat is voor een organist bijna een vak apart: orgel spelen is belangrijk, maar de inkleuring door passende registraties te kiezen is zeker zo belangrijk. Ook al is over smaak (en dus over opvatting) nauwelijks te twisten en kiest een ander voor een ander toonbeeld, het dient in alle gevallen overtuiging te hebben en verantwoord te zijn. En daarin is deze CD ook aansprekend, al zou wellicht een wat ‘lichtere vertolking’ van de Fantasie in c-moll van Johann Sebastian Bach ook hebben gekund.
Het is ook de vermelding waard dat het opnemen van de Franse barokcomponist Clérambault prachtig past als aftekening tussen de registraties bij andere werken. Kleurrijk, afwisselend en licht van toets, een mooie bijdrage! Natuurlijk is er ook een componist van haar leermeester Maurice Pirenne opgenomen, evenals van Floris van der Putt, beiden ook zo nadrukkelijk aan deze kathedraal verbonden geweest.
Gaat u vooral zitten voor een imponerende vertolking van het Allegro uit de 6e symfonie van Widor en laat u meenemen via Sweelinck, Bach, Van Amelsfoort, Clérambault, Van der Putt, Franck, Pirenne, Bruhns, (de wat jazzy) Takle naar Carter. Het is de moeite waard!
Er wordt gestreefd naar een 3e CD in 2017 als het orgel 4 eeuwen geleden in de kathedraal zijn oorsprong vond en met allure velen mee door de tijd nam. En dat zulks nog eeuwen mag voortduren.

Bert Becht
13 juli 2015

CD 'Imposant'

Deze cd kwam in 2014 onder auspiciën van de 'Stichting Orgelkring Hendrik Niehoff' tot stand en is uitgebracht door JQZ Muziekproducties.
Opname door Tuliprecords.



Het groot orgel van de Kathedrale Basiliek van Sint-Jan bespeeld door Véronique van den Engh

Duitsland
01. Introduktion und Passacaglia in d-moll, Max Reger (1873-1916)
03. Vater unser, Georg Böhm (1662-1733) (muziekfragment)
03. Praeludium und Fuge in G-Dur, BWV 541, Johann Sebastian Bach  (1685-1750)
04. Passacaglia in d-moll, Dietrich Buxtehude (1637-1707)

Frankrijk
05. Toccata in b-mineur, Eugene Gigout (1844-1925) (muziekfragment)
06. Choral Dorien, Jéhan Alain (1911-1940)
Suite Gothique, opus 25, Léon Boëllmann (1862-1897)
07. - Introduction-Choral
08. - Menuet gothique
09. - Prière à Notre-Dame
10. - Toccata

Nederland
11. Premier Choral, Hendrik Andriessen (1892-1981)
12. Pastorale, Albert de Klerk (1917-1998)
13. Cantilene, opus 150A, Louis Toebosch (1916-2009)
14. Passacaglia, Maurice Pirenne (1928-2008) (muziekfragment)
Imposant
Imponerend. Groots. Indrukwekkend. Machtig.
De titel van deze cd is om meerdere redenen zo gekozen: Op de eerste plaats is het groot orgel van de Sint-Janskathedraal met zijn vele prachtige houtsnijwerk enorm imposant om te zien, maar ook de klank van het instrument is imponerend. De diverse werken op deze cd kunnen dit laten horen, omdat deze composities zelf zo groots zijn.
Ook de zachte(re) klanken van het orgel klinken met een indrukwekkende schoonheid, waar menigeen door geraakt wordt. In alle opzichten een machtig instrument. Een instrument om te koesteren.





Imposant: een mooie (eerste) CD van Véronique van den Engh!
In meerdere opzichten imposant  dat is de CD, die organist Véronique van den Engh in de kathedrale basiliek van de Sint Jan opnam in ’s-Hertogenbosch, zonder twijfel. Natuurlijk zeer vertrouwd met deze imposante kathedraal en het hoofdorgel, dat in de eeuwen is ‘meegegroeid’ met de liturgische praktijken in deze kathedrale basiliek, geeft deze musicus een heel mooi visitekaartje af.
De CD geeft een mooie doorkijk in het Duitse, Franse en Nederlandse repertoire door de periode van de 17e tot en met de 20e eeuw. Verrassend om van Max Reger terug in de tijd te gaan om via Georg Böhm en Johann Sebastian Bach bij Dietrich Buxtehude uit te komen. Zeker als de Introduktion und Passacaglia zo stevig begint en die in de passacaglia wordt uitgebouwd van een rustig en helder begin naar de climax. Het Vater unser van Georg Böhm neemt je mee de liturgie in en is prachtig geregistreerd, waar de cornet het koraal omspeelt en daardoor een heel fijnzinnig karakter krijgt. Bach is prominent vertegenwoordigd met zijn Präludium en Fuga in G, waarbij Véronique van den Engh niet terugschrikt om het Präludium tongwerk mee te geven en vervolgens de Fuga heel helder en gearticuleerd te laten klinken. Dat ze echt iets met Dietrich Buxtehude heeft is in de Passacaglia goed te horen. Juist door ingetogen en toch fris te registreren een overtuigende presentatie!
Het Franse aandeel begint met de Toccata in b-mineur van Eugène Gigout, dat werd ingestudeerd voor de Rome-reis van de Schola van de kathedraal. Open in ritme en articulatie, met een aansprekende registratie toont haar bekendheid met dit orgel. Vervolgens een intieme aanpak van het Choral Dorien van Jéhan Alain, dat met de beschikbare registers heel goed klinkt. Om vandaar naar Léon Boëlmann te gaan en ook daarvoor een eigen aanpak weten te vinden. Dat lukt prima en getuigt van een eigen opvatting en durf om de mogelijkheden van het instrument goed te gebruiken. Een heel overtuigende aanpak en mooi vergelijkingsmateriaal, ook (of juist) voor menig andere opvatting.
Als we van de Nederlandse Hendrik Andriessen het Premier Choral horen zijn we meteen overtuigd van de diepgang, de articulatie en de spelvreugde, die deze compositie de organist heeft gebracht. Prachtige opbouw en nuanceringen, die het in de ruimte van de kathedraal uitstekend doen. Daarin passen ook de pastorale van Albert de Klerk en, heel verrassend, de Cantilene van Louis Toebosch. Toch een mooi voorbeeld van de verschillen in liturgische opvattingen en praktijk.
Dat Véronique de CD besluit met de Passacaglia van haar voorganger en leermeester Maurice Pirenne is een treffend eerbetoon aan de man, aan de priester-musicus, die zo thuis was in de kathedraal en het instrument menige kleur wist te geven. Mooi dat met zijn registratie deze passacaglia klinkt vanuit de ruimte, die hen dierbaar is. Verder complimenten voor de opnametechniek, waarmee de akoestiek zowel werd beheerst, als tot zijn recht komt.

Bert Becht
Oktober 2014


Imposant
Véronique van den Engh.
De eerste cd van Véronique van den Engh, de huidige titularis van de Kathedrale Basiliek van Sint-Jan in ’s-Hertogenbosch, gespeeld op het hoofdorgel van de Sint-Jan, kreeg de titel ‘Imposant’ mee. Zelf verantwoordt zij haar keuze voor de titel als volgt: “Op de eerste plaats is het grootorgel van de Sint-Janskathedraal met zijn vele prachtige houtsnijwerk enorm imposantom te zien, maar ook de klank van het instrument is imponerend. De werkenop deze cd laten dat horen omdat dezecomposities zelf zo groots zijn. Ook dezachte(re) klanken van het orgel klinken met een indrukwekkende schoonheid, waar menigeen door geraakt wordt. In alle
opzichten een machtig instrument. Een instrument om te koesteren.”
Bij de restauratie door Flentrop in 1984 werd het orgel teruggebracht naar de situatie van 1787 (A.F.G. Heyneman), waarbij het
vele oude en later toegevoegde pijpwerk een prachtige eenheid vormt. Met haar keuze voor werken uit de drie orgellanden Duitsland, Frankrijk en Nederland laat zij in een mooie verscheidenheid de luisteraar meegenieten hoe zij als ‘vertaler van de stukken naar het instrument’ ieder werk het zo eigene meegeeft in de door haar gekozen klankkleur uit het brede palet van dit orgel. Zij start met werk van vier Duitse componisten. En nu wordt de cd eens niet geopend met Bach maar met Reger. Met de Introduktion und Passacaglia in d-moll krijg je gelijk een majestueuze opening. De zacht ingezette Passacaglia bouwt in zijn dertien variaties op naar een prachtig plenum. Na de subtiele uitvoering van het zangrijk opgezette en prachtig gecoloreerde ‘Vater unser’ van Böhm volgt de indrukwekkende Praeludium und Fuge in G-Dur (BWV 541) van Bach. Hoewel Véronique aangeeft dat het hoofdorgel ‘geen typisch Bach-orgel’ is, bewijst deze opname dat het orgel zich perfect laat horen als waardige Bach-presentator. Met een uitgekiende registratie en prima inspelend op de ruimte van de Sint-Jan bewijst Véronique dat zij, het orgel en Bach een perfecte drie-eenheid vormen. Vervolgens worden de vier groepen van zeven variaties van de Passacaglia in d-moll van Buxtehude gepresenteerd. In de mooie gaande beweging klinken alle variaties, waarbij we in de derde groep een verrassende tongwerk-registratie horen.
Als Franse werken koos Véronique van den Engh naast de bekende Toccata in b-mineur van Gigout en de Suite Gothique van Boëllmann (geschreven op 33-jarige leeftijd!) voor het verrassende Choral Dorien van Jehan Alain. Leent het orgel zich voor deze werken, zal menigeen zich afvragen. Ja, ook in zijn zachte registraties (bij Alain en in de middendelen van Boëllmann) heeft dit orgel mooie klankcombinaties te bieden en door uitgekiende registraties wordt het orgel omgetoverd tot een Frans georiënteerd instrument. Ook in de breedte van de plena en het finale opregistreren bewijst Véronique dat ‘Frans’ prima klinkt op dit orgel.
Daarna volgt Nederland. Hoe kan het – met haar achtergrond en persoonlijke ervaringen – anders dan dat zij koos voor Andriessen, De Klerk, Toebosch en Pirenne. Het werk van deze 20e-eeuwers weet zij prachtig te vertalen naar dit instrument. Het zo pakkend gepresenteerde Premier Choral van Andriessen, de heerlijk klinkende Pastorale van Albert de Klerk of de afsluitende Passacaglia van haar leermeester en voorganger Maurice Pirenne, allemaal klankjuwelen voor dit orgel. Heel bijzonder is het een-na-laatste werk op deze cd: de Cantilene opus 150a van Louis Toebosch. Hij componeerde dit na de geboorte van Véroniques zoon Floris op de voorletters van zijn doopnamen (F-A-R[e]) en gaf het mee: ‘Een muziekske, gevoelvol voor te dragen’.
Met Imposant koos Véronique van den Engh voor een boeiend spectrum aan werken. Zij weet in haar spel fraaie accenten te leggen en met mooie spanningsbogen de werken het juiste karakter mee te geven. We beseffen dat het niet het meest ideale orgel is voor Reger of Boëllmann. Maar het grote orgel van de Sint-Jan wordt door haar in al zijn facetten op een prachtige manier gepresenteerd.
Het fraai opgemaakte boekje bevat naast een aantal foto’s van het orgel de verantwoording en een bescheiden toelichting op de gekozen werken alsmede gegevens van organist en orgel. Bij ieder werk krijgen we een kleine ‘ontboezeming’ van de vertolkster.
Het is leuk te lezen hoe Véronique van den Engh door bepaalde werken op bepaalde momenten geboeid raakte.
Een waardig klankdocument van dit beroemde Brabantse orgel en zijn organist.

Wim van der Ros
De Orgelvriend, jan/febr 2014