Jolanda Zwoferink



Jolanda Zwoferink werd in 1969 in het Utrechtse Leersum geboren. Zij studeerde aanvankelijk orgel bij haar vader, de organist Lambert Zwoferink. Vervolgens nam zij orgel- en muziektheoretische lessen bij Jan van Gijn in de Grote Kerk te Apeldoorn. Zij zette haar studie voort aan het Rotterdams Conservatorium en het Brabants Conservatorium bij Arie J. Keijzer, Folkert Grondsma en Bram Beekman. Voor orgel behaalde zij de diploma's Docerend en Uitvoerend Musicus; daarnaast is zij in het bezit van het diploma Kerkmuziek. Jolanda Zwoferink bekwaamde zich verder middels masterclasses bij Charles de Wolff (Bach en symfonische werken) en Olivier Latry & Hans-Ola Ericsson in de Notre-Dame te Parijs (Messiaen). Als organiste binnen de Protestantse Kerk in Nederland is Jolanda Zwoferink verbonden aan de Dorpskerk te Oostvoorne (Gideon Thomas Bätz & Johan Caspar Friedrichs, 1771/1807), de Prinsekerk te Rotterdam (Johann Frederik Witte, 1877) en de IJsseldijkkerk te Krimpen aan den IJssel (Jan Proper, 1897).
Eveneens is zij werkzaam bij Muziekgebouw Eindhoven (symfonisch Pels & Van Leeuwen-orgel, 1993) waar zij mede verantwoordelijk is voor het samenstellen van de Internationale Zomerorgelconcerten.
Als concerterend organiste is zij actief in binnen- en buitenland; daarnaast is zij werkzaam als pedagoge. Jolanda Zwoferink is tevens cd-producer en leidt sinds 2003 het label Prestare. Op dit label realiseerde zij diverse cd’s met onder meer werken van Olivier Messiaen (1908-1992), o.a. het Livre du Saint Sacrement, Diptyque en de Messe de la Pentecôte (Stahlhuth-Jann-orgel Saint Martin Dudelange, Luxemburg) en Orgelsymfonieën van de componist Arie Keijzer (1932, Marcussen-orgel Grote of Sint Laurenskerk Rotterdam, Cavaillé-Coll-orgel La Madeleine Parijs).


Deutsch
Die Organistin Jolanda Zwoferink wurde 1969 in Leersum (Provinz Utrecht) in den Niederlanden geboren. Ihr erster Lehrer war ihr Vater, der Organist Lambert Zwoferink. Zur Vorbereitung ihres Studiums wurde sie von Jan van Gijn in der ,Grote Kerk’ in Apeldoorn in den Fächern orgel und Musiktheorie unterrichtet. Sie studierte an der Hochschule für Musik in Rotterdam und Tilburg. Ihre Lehrer waren Arie Keijzer, Folkert Grondsma und Bram Beekman. Sie absolvierte mit Erfolg die B-Prüfung und erwarb das Konzert- und Kirchenmusikdiplom. Jolanda Zwoferink busuchte Meisterkurse bei Charles de Wolff (für Bach und symphonische Werke) und bei Olivier Latry & Hans-Ola Ericsson an ,Notre-Dame’ in Paris (Messiaen).
Jolanda Zwoferink arbeitet als Organistin in der ,Dorpskerk’ in Oostvoorne (Orgel von Gideon Thomas Bätz & Johan Caspar Friedrichs, 1771/1807), der ,Prinsekerk’ in Rotterdam (Orgel von Johann Frederik Witte, 1877) und in der ,IJsseldijkkerk’ in Krimpen aan den IJssel (Orgel von Jan Proper, 1891). Jolanda Zwoferink ist eine gefragte Organistin; sie war in verschiedenen Konzerten in den Niederlanden und im Ausland zu hören. Neben ihrer Tätigkeit als Organistin und als Orgellehrerin, ist sie sehr erfolgreich als CD-Produzent mit ihrem 2003 entstandenen Label Prestare. Mit diesem Label nahm sie mehrere CD’s mit u.a. Orgelsymphonien des holländischen Komponisten Arie Keijzer (Marcussen-Orgel der Großen oder St. Laurenskirche in Rotterdam und auf der Cavaillé-Coll-Orgel der La Madeleine in Paris) und mit Werken von Olivier Messiaen, u.a. das Livre du Saint Sacrement, Diptyque und die Messe de la Pentecôte (Stahlhuth-Jann-Orgel der St. Martin in Dudelange, Luxemburg) auf.

English
The organist Jolanda Zwoferink was born in Leersum, a small village in Utrecht (the Netherlands). After her first organ lessons with her father, the organist Lambert Zwoferink, she studied organ and music theory with Jan van Gijn at the Grote Kerk in Apeldoorn. At the Rotterdam and Brabant conservatories she studied with Arie Keijzer, Folkert Grondsma and Bram Beekman, taking her bachelor's and master's and qualifying in church music. She has taken part in masterclasses with Charles de Wolff (Bach and symphonic repertoire) and Olivier Latry & Hans-Ola Ericsson at the Notre Dame in Paris (Messiaen).
Jolanda Zwoferink is organist of the Dorpskerk in Oostvoorne (organ by Gideon Thomas Bätz & Johan Caspar Friedrichs, 1771/1807), the Prinsekerk in Rotterdam (orgel by Johann Frederik Witte, 1877) and the IJsseldijkkerk in Krimpen aan den IJssel (organ by Jan Proper, 1891). She teaches organ and is active as a recitalist in the Netherlands and abroad.
Jolanda Zwoferink is also a CD producer. In 2003 she founded the Prestare label, on which her recordings include the organ symphonies by the Dutch composer Arie Keijzer (on the Marcussen organ in the Laurenskerk in Rotterdam and the Cavaillé-Coll organ in the Madeleine in Paris) and works by Olivier Messiaen including the Livre du Saint Sacrement, Diptyque and the Messe de la Pentecôte (on the Stahlhuth-Jann organ in the church of St Martin in Dudelange, Luxemburg).

Francais
Jolanda Zwoferink est née en 1969 à Leersum (Utrecht, Hollande). Elle a fait des premières études d’orgue avec son père, l’organiste Lambert Zwoferink. Ensuite elle a travaillé avec Jan van Gijn dans la «Grote Kerk» à Apeldoorn (orgue, théorie de la musique). Au Conservatoire de Rotterdam et au Conservatoire de Tilbourg elle a fait des études d’orgues avec Arie Keijzer, Folkert Grondsma et Bram Beekman. Elle a obtenu les diplômes suivants: diplôme d’Exécution, Premier Prix d’orgue et la licence Musique Liturgique. Sous la direction de Charles de Wolff (Bach, œuvres symphoniques) et Olivier Latry & Hans-Ola Ericsson à Notre-Dame de Paris (Messiaen) elle a participé à différents cours de perfectionnement. Elle est organiste titulaire à Oostvoorne («Dorpskerk», orgue de Gideon Thomas Bätz & Johan Caspar Friedrichs, 1771/1807), à Rotterdam («Prinsekerk», orgue de Johann Frederik Witte, 1877) et à Krimpen aan den IJssel («IJsseldijkkerk», orgue de Jan Proper, 1891). Jolanda Zwoferink donne des concerts en Hollande et à l’étranger; elle est professeur d’orgue dans la région de Rotterdam.
Jolanda Zwoferink produit également des cd’s et dirige le label Prestare depuis 2003. Pour ce label, elle a réalisé l’enregistrement de plusieurs cd’s avec entre autres, des œuvres d’Olivier Messiaen dont le Livre du Saint Sacrement, Diptyque et la Messe de la Pentecôte (orgue Stahlhuth-Jann de Saint-Martin à Dudelange, Luxembourg) et les symphonies pour orgue du compositeur Arie Keijzer (orgue Marcussen, église Saint-Laurent de Rotterdam et orgue Cavaillé-Coll de la Madeleine à Paris).

- cd's


ZWF3331564

Nieuwe Bach-cd

Onlangs ingespeelde Bach-cd, opgenomen in de Hofkirche aan het grote Silbermann-orgel (haar ideale Bach-orgel).
Het meest interessante van de cd is dat Bach aan dit orgel werkelijk alle andere orgels (zonder deze - welke dan ook - te kort te doen) overmeestert.
Indrukwekkend, in één woord gezegd.
Daarbij is dit orgel nog de enige van Silbermann in Dresden, bij het bombardement zijn de andere twee Silbermann-orgels teloor gegaan, dit instrument werd kort daarvoor gedemonteerd. Jolanda Zwoferink is de eerste Nederlander die aan dit imposante instrument een Bach-opname maakt!



cd inhoud:

1/2 Praeludium et Fuga in h BWV 544
3 Vater unser im Himmelreich BWV 683
4 Wir gläuben all an einen Gott BWV 680
5 Christ, unser Herr, zum Jordan kam BWV 684
6 Aus tiefer Not schrei ich zu dir BWV 686
Trio in c BWV 585
7 Adagio
8 Allegro
9 Jesu, meine Freude BWV 610
10 Ich ruf zu dir, Herr Jesu Christ BWV 639
11/12 Praeludium et Fuga in G BWV 541
13 Herzlich tut mich verlangen BWV 727
14 Meine Seele erhebt den Herren BWV 648
15 Liebster Jesu, wir sind hier BWV 706
16 Vor deinen Thron tret ich BWV 668
17/18 Praeludium et Fuga in e BWV 548Total time 78’31”


De orgelwerken van Johann Sebastian Bach zijn voor de organist een constante bron van inspiratie. De uitvoering van Bachs orgeloeuvre behoort tot de zwaarste opgave voor de concertorganist; het heeft in muzikaal en artistiek opzicht een extreme moeilijkheidsgraad.

Doordat vrijwel iedere noot een contrapuntische functie vervult is elke onvolkomenheid meteen waarneembaar. De composities van Bach stellen daarom de allerhoogste mentale en technische eisen aan de uitvoerder. Diepgaande studie van het contrapunt brengt de interpreet tot een frasering en articulatie die consequent moet worden doorgevoerd. Alleen een stijlzuivere registratie doet recht aan toonaard, vorm en doorzichtigheid van het contrapunt.
Bach achtte gravität in de orgelklank van groot belang. Hij vond daarom de aanwezigheid van de zg. Untersatz 32’ een vereiste. Bovendien vond hij manuaalkoppelingen (in die tijd niet altijd aanwezig) noodzakelijk. Het is bekend dat Bach een voorliefde had voor de volgende stemmen: Viola di gamba, Sexquialtera en Fagott 16’. Het superieure Gottfried Silbermann-orgel in de Dresdener Kathedrale wordt gekenmerkt door al deze aspecten en is daarom bij uitstek geschikt voor de interpretatie van Bachs orgelwerken.

De scheppingskracht van Bach komt voort uit zijn zeer groot christelijk geloof, gebaseerd op de traditie van de Duitse reformator Martin Luther (1483-1546). De kanttekeningen in Bachs Bijbel (uitgave 1681/Abraham Calov) - welke zich bevindt in de Concordia Seminary Library in St. Louis (Missouri, USA) - zijn daar een duidelijk voorbeeld van. Zo schrijft hij bij 1 Kronieken 25 : 7 - 31: ‘NB Dieses Capitel ist das wahre Fundament aller gottgefälliger Kirchen Musik.’ Bij 2 Kronieken 5 : 13 noteert Bach: ‘NB Bey einer andächtigen Musique ist allezeit Gott mit seiner Gnadengegenwart.'




Het Gottfried Silbermannorgel van de Kathedrale Ss. Trinitatis te Dresden


De inwijding van het instrument op 2 februari 1755 heeft Gottfried JohannSilbermann (1683-1753) niet meegemaakt: hij overleed op 4 augustus 1753. Leerling en medewerker Zacharias Hildebrandt (1688-1757) en neef JohannDaniel Silbermann (1717-1766) rondden zijn laatste en omvangrijkste opdracht af.

In 1750 sloot het Saksische hof met de Freibergse orgelmaker Silbermann een overeenkomst voor de plaatsing van een orgel in de Hofkirche die in aanbouw was (de kerk werd in 1751 ingezegend). In het contract werden omvang (47 sprekende stemmen verdeeld over drie klavieren en pedaal) en prijs (20.000 daalders) vastgelegd. Twee weken na de ondertekening van de overeenkomst benoemde Silbermann Zacharias Hildebrandt tot assistent. Silbermann werkte vanaf 1752 vooral vanuit Dresden waar hij extra bedrijfsruimte betrok; ook zijn medewerkers ontvingen hier onderdak. De kas van het orgel heeft – evenals het in 1736 opgeleverde Silbermann-orgel van de Dresdener Frauenkirche – een dwarsregel. Bij de onderste helft van deze dwarsregel bevindt zich het Borstwerk met daaronder de klaviatuur. Aan de bovenkant van de dwarsregel is – voor het oog waarneembaar – het Hoofdwerk geplaatst. Het Bovenwerk (achter de middelste toren, bovenin) en het Pedaal (in het achterste gedeelte van het orgel) zijn niet waarneembaar. Zoals gebruikelijk bij Silbermann-orgels, is het pijpwerk over C- en Cis-laden, het Pedaal over groot- en kleinpedaal verdeeld. De opgebankte Cornet van het Hoofdwerk staat een meter achter de kas. Voor de windladen werd eikenhout (soms ook dennen- en sparrenhout) gebruikt. De Gedekte fluit, Roerfluit en de Nasard zijn van orgelmetaal (70% lood, 30% tin) het overige pijpwerk van Engels tin. Waarschijnlijk is het orgel opgeleverd in de destijds gangbare ‘Kammerton’ stemming (413Hz): latere wijzigingen maken de exacte bepaling van de oorspronkelijke stemming onmogelijk.
Vanaf 1836 viel het onderhoud van het instrument onder de verantwoordelijkheid van de recentelijk tot hoforgelbouwer benoemde Johann Gotthold Jehmlich (1781-1862). Een taak die zijn nageslacht overnam en nog steeds – werkzaam onder de naam Jehmlich Orgelbau Dresden – vervult. In 1884 werd het orgel voor het eerst, weliswaar in geringe mate, hoger gestemd. Daarmee kregen een groot aantal pijpen een kernsteek. Vanaf 1937 volgden diverse ingrepen aan het orgel. De stemming werd op 440 Hz gebracht, daarnaast werden wederom kernsteken aan het pijpwerk toegebracht en de pijpen vanaf 1’ werden ingekort.
Begin 1944 wordt het instrument deels gedemonteerd en elders opgeslagen. Zo bleef het gespaard voor het catastrofale lot dat de beide andere Dresdener Silbermann-orgels zou treffen. Vermoedelijk is die ontsnapping te danken aan het gezamenlijke initiatief van de gebroeders Jehmlich en Wilhelm Beier (1889-1945), de voorzitter van het kerkbestuurder. Bij het bombardement op de stad (13 februari 1945) wordt het orgel zwaar beschadigd. Orgelkas en delen van de windvoorziening gaan in vlammen op. Dankzij de actie van gebroeders Jehmlich en Wilhelm Beier blijft het pijpwerk behouden.
In 1962 werd de restauratie van het middenschip voltooid. De Firma Jehmlich heeft in 1963 opdracht gekregen om het orgel op te bouwen en te repareren. Voor zover mogelijk moest het orgel een precieze kopie worden van dat uit de vooroorlogse periode. Honderd procent bleek onhaalbaar: niet alleen was er de op onderdelen onherstelbare oorlogsschade, ook meningsverschillen tussen restaurateur en organist speelden een rol. De technische opbouw werd volledig nieuw ontwikkeld, de kas en het front naar authentieke voorbeeld gekopieerd. Reconstructie van het snijwerk volgde na 1980. De manualen werden in originele staat gereconstrueerd. In het Pedaal werden de toetsen cis1 en d1 toegevoegd. Het pijpwerk van het Bovenwerk dat nog intact was – met uitzondering van de Unda Maris 8’ welke gereconstrueerd is – werd op 440 Hz gestemd. In een extra feestelijke viering op Pinkstermaandag 30 mei 1971 werd het orgel in gebruik genomen. ’s Middags concerteerde de organist van de Hofkirche Eberhard Bonitz (1921-1980), de laatste die het orgel in 1944 bespeeld had.
In de periode 2001/2002 onderging het instrument een restauratie: de windvoorziening werd vernieuwd en de oude, gelijkzwevende stemming (415 Hz) kwam terug. Destijds aangebrachte kernsteken werden verwijderd, afgedichte en verkorte pijpen werden uitgesoldeerd, houten pijpen werden verlijmd. Op 3 november 2002 werd het orgel van Gottfried Silbermann opnieuw gewijd. Een gedenkwaardig feit in de geschiedenis van het orgel was het spel van Wolfgang Amadeus Mozart (1756-1791) op 13 april 1789, die zijn vrouw daarover in een brief van 16 april 1789 berichtte.


Interview met Jolanda in het Reformatorisch Dagblad over deze cd.

www.PrestareCD-Productions.nl