Laar 47
5388 HC Nistelrode


google/maps


Volgens archeologische vondsten woonden er ca. 2000 jaar voor Christus mensen in Nistelrode. De 4 grafheuvels aan de Slabroekseweg en de resten van een nederzetting op Vorssel duiden hierop. Voorts is ten noordoosten van Kleinwijk een glad gepolijste urn met crematieresten gevonden uit de late bronstijd. Recentelijk nog zijn archeologische vondsten gedaan tussen Mortel en Loo van 31 vazen, wijnzeven etc. en er zijn ook sporen gevonden van vroege bewoning in dat gebied.
Over de naam Nistelrode zijn verschillende verklaringen te geven. In vroegere eeuwen werd de naam van deze gemeente anders gespeld, n.l. NESTERLEE, NESTERLOO, NISTERLE, NISTELROYE, NISTELROOY. Een verklaring zou kunnen zijn: zich vestigen en ontginnen, maar kan ook betekenen: een nederzetting met bewoners van een bos. Een andere lezing is: Nittel = brandnetel en Loo = bos.
Tot de helft van de 12de eeuw is over de geschiedenis van Nistelrode weinig bekend. Vanaf het jaar 1191 is meer bekend. Zo bestaat er nog een perkamenten akte uit 1191 waarin de Hertog van Brabant 'gemeyne gronden' uitgeeft aan de bewoners van Nisterle. Dit waren woeste gronden die ontgonnen konden worden door de bewoners, te gebruiken voor de landbouw. De 'gemeynt' kreeg dus het gebruiksrecht, terwijl de Hertog het eigendomsrecht behield. Zo ontstond het begrip gemeente.

In de tijd van Sint Willebrordus (637-708) bestond er een christengemeente in het zuiden van Oss, nabij het 'Willebrordusputje'. Waarschijnlijk is in die jaren vanuit Oss het Christendom in Nistelrode doorgedrongen; mede door toedoen van Sint Lambertus die ongeveer tegelijkertijd het christendom predikte in deze omgeving.
De eerste kerk te Nistelrode werd gebouwd omstreeks 1290 in het buurtschap Kleinwijk (De Oude Toren). De Heilige Lambertus werd de patroon. Toen bestond ook het patronaatsrecht (het recht om een geestelijke ter benoeming voor te dragen) met de Kerk van Haren bij Megen. Dit recht van de kerk kwam, tegelijk met de grote en kleine tienden van Nistelrode en Haren, bij akte van 8 januari 1426 in handen van de Duitse Orde te Gemert.
In 1430 werd begonnen met de bouw van de Sint-Anthoniuskapel aan het Laar op dezelfde plaats waar nu de Lambertuskerk staat.
In 1648 kwam er een eind aan de 80-jarige oorlog. De katholieke kerken en kapellen werden overgedragen aan de protestanten.
De katholieken van Nistelrode gingen toen hun kerkgang houden in het aangrenzende vrije land van Ravenstein.
Op 'Bid-af' (Bedaf) werd een kapel daarvoor gebouwd. In 1672 werd een schuurkerk gebouwd 'op het gehucht Weyen'. Deze schuurkerk stond ongeveer waar nu de molen staat. Tot 1799 zijn hier Missen opgedragen die gedoogd werden.
De kerk op Kleinwijk kreeg in 1799 zijn katholieke staat weer terug en er werden weer diensten opgedragen tot 1842. Toen werd deze gesloopt op de toren na, welke in 1889 door bliksem werd getroffen en in 1891 werd afgebroken. De kapel op Laar deed in die tijd dienst als school en raadhuis en werd in 1840 gesloopt.

Het bouwjaar van de nieuwe kerk op die plaats is 1841; zij werd op 26 september 1842 door Mgr. Zwijssen ingewijd en kreeg de naam Sint-Lambertuskerk. De stijl is classicistisch en ze is gebouwd onder leiding van Rijsterborch onder toezicht van Rijkswaterstaat. Vandaar de naam 'Waterstaatskerk'. De kerk is tweemaal vergroot; in 1921 aan de voorkant en in 1925 is een kinderkapel gebouwd aan de zuidzijde. In de jaren ‘60 werden er plannen gemaakt voor een nieuwe kerk, maar omdat de kerk tot monument werd verklaard is hiervan afgezien. In 1974 is met behulp van Monumentenzorg de kerk in haar oude staat hersteld.

Foto Maarten Rog

De uitbreiding aan de voorzijde werd weer gesloopt en onder leiding van architect De Jong werd het priesterkoor aangepast aan de liturgische eisen van deze tijd. In 1986 werd de kinderkapel gesloopt en op haar fundamenten werd een nieuwe pastorie gebouwd en een parochiezaal.
In 1992 werd de 150e verjaardag van de kerk gevierd en werd een gedenkboek uitgegeven: 'Zeven eeuwen parochie - 150 jaar Waterstaatskerk'.
Voor € 10,- is dit boek op de pastorie te verkrijgen.

Bron: Pastorale eenheid Nistelrode-Vorstenbosch



Een van de kruiswegstaties.





De orgelhistorie

In de in 1842 gebouwde waterstaatskerk van Nistelrode - een schepping van L. Rijsterborgh - stond tussen 1856/57 en 1921 een fraai orgel van Paulus van Nistelrooij. Het werd in juni 1857 in gebruik genomen. De dispositie luidde:

Hoofdwerk Rugwerk Pedaal
Principaal 8'
Bourdon 16'
Holpijp 8'
Viola di Gamba 8'
Octaaf 4'
Fluit B/D 4'
Octaaf 2'
Flageolet [1']
Mixtuur 3 st.
Trompet B/D 8'
Salicionaal 8'
Gedakt 8'
Prestant 4'
Dolce 4'
Gemshoorn 4'
Hautbois D 8'
Fagot B 8'
Aangehangen
Tractuur mechanische sleepladen
Temperatuur evenredig zwevend

In 1921 besloot de pastoor om de kerk te vergroten door de voorgevel zeven meter naar de straat toe te laten schuiven. Het Van Nistelrooij-orgel werd onvakkundig gedemonteerd en onbeschut in weer en wind geplaatst. Herstel bleek niet meer mogelijk. Er werd nu een harmonium geleend van de kerk in Vinkel. Toen dit instrument in 1931 terug moest, werd besloten er zelf een aan te schaffen. Dit harmonium heeft gefunctioneerd tot 1949.
In 1949 bouwde Verschueren een nieuw orgel. Bij de vergroting en een algehele restauratie van de kerk rond 1972 werd het verwijderd, om nooit meer terug te keren in de kerk. In 1973 werd besloten een historisch orgel aan te kopen. Onder supervisie van Hans van der Harst restaureerde Vermeulen uit Alkmaar het orgel, dat in 1858 gebouwd was door Van Dinter, uit de inmiddels gesloten R.-k. Sint-Michaelskerk te Westerblokker. Het is op 15 augustus 1977 in gebruik genomen.

Het M.H. van Dinter-orgel (1858)



De orgelmaker Mathias Hermanus (Mathieu) van Dinter (1822-1902) bouwde dit orgel voor de r.k.-kerk te Westerblokker in 1858. De kas, de hoofdwerklade, de klaviatuur en het pijpwerk van het Hoofdwerk zijn mogelijk ouder en van een onbekende bouwer, evenals de Bourdon 8' en de Fluit 4' van het Positief. De windlade van het Positief en de andere vijf stemmen zijn in 1858 gemaakt door Matthieu van Dinter en Lambertus Vermeulen. Wel is het duidelijk dat er voor 1858 ook al een positief moet zijn geweest. De Sint Michaelskerk te Westerblokker werd gebouwd in 1852-1855 naar een ontwerp van architect Molkenboer. Na de voltooiing van het gebouw is er een neo-barok interieur in geplaatst. Het oude orgel uit de voormalige schuurkerk verhuisde naar de nieuwe kerk. De bouwer van dit één-klaviers werk is onbekend. Het is zeer waarschijnlijk dat dit werk de basis vormt van het Van Dinter-orgel.
Omstreeks 1874 voerden de gebr. Gradussen uit Winssen werkzaamheden uit, waarbij de windlade van het OP vernieuwd werd en waarbij diverse registers werden vervangen. Bij latere werkzaamheden werden o.a. de frontpijpen van het OP verwijderd, alsmede de tongwerken van het HW.
In de jaren 1960-1970 werd besloten een nieuwe kerk te bouwen in Westerblokker. Na de voltooiing van dit gebouw is de oude kerk in 1973 verkocht en omgebouwd tot een winkel. Het meubilair werd verkocht aan de Sint-Bartholomeuskerk te Beek-Ubbergen en het orgel in 1974 aan de Sint-Lambertusparochie in Nistelrode.
In 1977 werd het orgel in Nistelrode opgebouwd door de firma Vermeulen uit Alkmaar, met ondermeer een reconstructie van het front van het OP en de tongwerken van het HW. Het pijpwerk van Van Dinter (HW) en Gradussen (OP) bleef grotendeels behouden.
Door de firma Flentrop werden in 1997 nog enkele reparaties uitgevoerd. Restauratie van dit opmerkelijke instrument is in voorbereiding.
Bijzonder is de decoratie van het hoofdwerk, gebaseerd op een front dat is afgebeeld in het boek 'L.Art du facteur d'orgues' van de Franse orgelexpert Dom Bédos (1766). Ook het vlakke front van het onderpositief is bijzonder en contrasterend met het HW.



Dispositie

Hoofdwerk C-f ''' Onderpositief C-f ''' Pedaal C-g
Prestant 16' (D)
Bourdon 16'
Prestant 8'
Holpijp 8'
Octaaf 4'
Fluit 4'
Quint 3' (B)
Octaaf 2'
Mixtuur IV
Cornet V
Trompet 16' (D)
Trompet 8' (B/D)
Clairon 4” (B)
Bourdon 8'
Quintadena 8'
Fluittravers 8'
Viola 8'
Prestant 4'
Open fluit 4'
Woudfluit 2'
Fagot 8' (B)
Hautbois 8' (D)
Aangehangen

Manuaalkoppel
Tractuur mechanische sleepladen.
Toonhoogte iets boven a'=440 Hz.
Temperatuur evenredig zwevend.
Winddruk 72 mm.




Bronnen: Piet Bron, Piet Groenendijk, fotos Piet Bron/Wim van der Ros.

Meer over Van Dinter orgelbouwers






Concerten

Zondag 8 oktober 2017
Aanvang 16.00 uur.
Vrije toegang met een vrije gave.
Jamie de Goei, orgel

Programma

  1. Les Cloches d’Orleans                                - Chr. Moyreau (1700-1774)
                                      
  2. Uit: 24 Pièces en style libre:                       - L. Vierne (1870-1937)
    1. Prélude
    2. Canon 
                                   
  3. Partita “Ach wie nichtig, ach wie flüchtig”     - G. Böhm 
                                 
  4. Andantino                                               - C. Frank (1822-1890) arr. L. Vierne  

  5. Offertoire sur un noël breton                      - C. Franck           
                    
  6. Fantasie in d                                           - W.A. Mozart 
                        
  7. Sonate II – g-moll                                    - C.P.E. Bach (1714-1788)
    Allegro moderato – Adagio - Allegro   
                       
  8. a) Petite Pièce                                         - J. Alain (1911-1940)  
    b) Ballade en mode phrygien  
  1. Concerto in G-dur (BWV 973; naar A. Vivaldi) - J.S. Bach (1685-1750)
    Allegro – Largo – Allegro






Muziek cd

Brabants Orgelrijkdom VII 'BOF 201002'
Klik hier voor meer info.

François Couperin (1668-1733): Messe propre pour les Convents: Kyrie, Trio 2 dessus de Chromhorne et la basse de Tierce
(gespeeld door organist Piet Groenendijk, m.m.v. mezzo-sopraan Ilse van Wuijckhuijse, sept 2010)

 






Orgelkring F.C.Smits

klik hier